De vrouw die het college gaf, probeerde het nog wel. "En als je weet dat Couperus de mensen die hij beschreef zelf ook verschrikkelijk vond, helpt dat?" Van oude mensen..., vertelde ze, was een parodie, een aanklacht tegen het kleinburgerlijke Haagse leven van begin vorige eeuw, waar je niet kon ontsnappen aan de verstikkende familiebanden, -geheimen en -roddels. Het geklaag en gejammer is juist wat Couperus bespot, zei ze.
Ik vond het lief van haar, dat wel. Maar helpen deed het niet. Een boek dat treffend de aard van de zeurende klasse schetst, is in dit geval nog steeds een zeurderig boek.
Maar kom, een overwegend positief stuk had ik in mijn vorige post gezegd.
Waar Couperus over het algemeen, en Van oude mensen... in het bijzonder om geprezen wordt, zijn de rijke en levendige karakters. In een recensie van Van oude mensen... in de New York Times van 1918 wordt Couperus' talent omschreven als:
"That extraordinay gift for portraying the faintest shades of character and temparament, the divergencies, little and big, the varying differences in viewpoint existing in members of the same family ... Each and everyone of (the characters) is individualized with such skill that long before the novel ends, we feel that we know them all."
Dat is ontegenzeggelijk waar. In de roman wordt een veelheid aan personages opgevoerd, die allemaal binnen een paar alinea's een achtergrond, beweegreden en emotionele gesteldheid meekrijgen. Over Lot, een van de weinige personages die jonger is dan veertig, schrijft Couperus het volgende:
"Hij vond zich geen man om te trouwen. Hij was nog wel jong, achtendertig; hij zag er zelfs véél jonger uit; hij verdiende geld genoeg genoeg met zijn artikels, om, met wat Elly meekreeg van grootpapa Takma, het er zuinigjes op te wagen, maar hij vond zich toch volstrekt geen type om te trouwen. Zijn vrijheid, zijn onafhankelijkheid, zijn egoïste beweeglijkheid, die waren hem het liefst."
Ook al lapt Couperus de schrijversregel
Show, don't tell volledig aan zijn laars - als die uitdrukking toen al bestond - het werkt wel. Je weet gelijk wie je voor je hebt. Hoe vervelend Lot en zijn getroubleerde familie ook mogen zijn, springlevend zijn ze wel. Uiteindelijk is dat het belangrijkste in een roman: dat je de schrijver gelooft. En tja, dat doe ik.
P.S. Voor de duidelijkheid: ik heb nu meer waardering voor Couperus, maar ik vind Van oude mensen... nog steeds een rotboek. Ik schijn een van de weinigen te zijn, dus oordeel vooral zelf.